In oktober 2012 werd bij werkzaamheden aan Broekstraat 75 in Mierlo een bijzondere archeologische vondst gedaan. In twee afvalkuilen kwamen grote hoeveelheden aardewerkfragmenten en ander materiaal aan het licht. Leden van de werkgroep Cultuurhistorie en Archeologie van Heemkundekring Myerle konden een belangrijk deel veiligstellen, wassen, sorteren, passen en determineren.
De vondst staat bekend als de Broekse potten en pannen. Het gaat niet om één compleet servies, maar om een verzameling gebruiksaardewerk uit verschillende vormen en functies. Het determinatierapport beschrijft kookpotten, pannen, kannen en andere keramiek. Door fragmenten opnieuw samen te voegen kon een deel van de oorspronkelijke voorwerpen worden gereconstrueerd.
De vindplaats ligt in het historische Broek. Dat gebied was al in de middeleeuwen een belangrijk gehucht. Archeologische huishoudelijke resten zijn daarom waardevol omdat zij informatie geven die schriftelijke bronnen vaak niet bevatten: welk vaatwerk mensen gebruikten, waar producten vandaan kwamen en hoe spullen na breuk werden weggegooid. Materiële cultuur brengt het dagelijkse leven dichterbij.
Een opvallend voorwerp uit de collectie is een fragment van een spreeuwenpot uit de eerste helft van de zestiende eeuw. Dergelijke potten werden aan gevels gehangen om vogels te laten broeden; jonge spreeuwen konden vervolgens als voedsel worden gebruikt. Het voorbeeld laat zien dat een ogenschijnlijk eenvoudig keramiekfragment informatie kan leveren over voedselcultuur en huishoudelijke praktijk.
Bij lokale archeologie is context cruciaal. De vondsten kwamen uit afvalkuilen en zijn daardoor niet automatisch even oud als een nabijgelegen boerderij of gebouw. Datering gebeurt op basis van keramische kenmerken en vergelijking met bekende typen. Ook moet rekening worden gehouden met materiaal dat langere tijd in gebruik was voordat het werd weggegooid.
De Broekse collectie is voor de encyclopedie waardevol als zelfstandig objectdossier én als bron voor het bredere verhaal van Broek. Ze toont hoe vrijwilligersarcheologie, determinatie en zorgvuldig documenteren lokaal erfgoed kunnen redden. Het bijbehorende rapport maakt het mogelijk individuele voorwerpen later als subdossiers toe te voegen zonder de vondstcontext te verliezen.
Collectie en provenance
Voor ieder gerestaureerd object is provenance van groot belang: uit welke afvalkuil kwam het, welk vondstnummer kreeg het en hoe is de datering bepaald? Door die gegevens samen met foto's te bewaren, blijft de collectie bruikbaar voor toekomstig onderzoek. Zonder vondstcontext wordt een mooie pot vooral een los museumobject; met context vertelt hij iets over een huishouden en een historische plek.
De collectie biedt bovendien kansen voor vergelijking met aardewerk uit andere Brabantse dorpen. Herkomst van keramiek, vormen en glazuren kunnen iets zeggen over handelscontacten en consumptiepatronen. Zulke vergelijkingen moeten door specialisten worden onderbouwd. De encyclopedie kan daarbij fungeren als toegankelijke laag boven het determinatierapport, zonder diens technische details te vereenvoudigen tot stellige conclusies.
Educatieve waarde. De collectie is bijzonder geschikt om archeologische methode uit te leggen: vinden, veiligstellen, wassen, passen, determineren, dateren en rapporteren vormen samen het onderzoek. Daarmee kan dit objectdossier bezoekers laten zien dat archeologie veel meer is dan het opgraven van een gaaf voorwerp en dat juist scherven vaak de meeste informatie opleveren.
Bij toekomstige digitale presentatie is het daarom wenselijk elk object te tonen met vondstnummer, datering, materiaal, functie en vindcontext. Zo blijft de verzameling niet alleen aantrekkelijk om te bekijken, maar ook inhoudelijk bruikbaar voor onderwijs en vergelijking.
