Van vroege bewoning naar kerkelijke organisatie
Wanneer het christendom precies vaste voet kreeg in het gebied van Mierlo is niet met één jaartal aan te wijzen. De vroegmiddeleeuwse archeologie rond de huidige Luciakerk laat wel zien dat deze omgeving al vóór de volle middeleeuwen belangrijk was voor bewoning en begraving. Merovingische en Karolingische graven en bewoningssporen maken duidelijk dat het latere kerkgebied al eeuwen vóór de eerste uitgebreide schriftelijke bronnen werd gebruikt.
De kerstening van Noord-Brabant verliep geleidelijk. Oude nederzettingsgebieden kregen in de loop van de vroege en volle middeleeuwen een kerkelijke structuur met parochies, altaren, geestelijken en begraafplaatsen. Voor Mierlo kan daarom niet worden gezegd dat één missionaris of één gebeurtenis het dorp op een bepaald moment 'christelijk maakte'.
De kerk als middelpunt
Vanaf de middeleeuwen werd de parochiekerk een belangrijk centrum voor religie, begraven, bestuur en gemeenschap. De archeologische continuΓ―teit rond de latere Luciakerk ondersteunt het beeld dat deze omgeving een zeer oude kern van het Mierlose nederzettingsgebied vormde.

